Met mijn Franse dorpsgenoten naar Nederland

Al jaren leek het me leuk om mijn Franse dorpsgenoten Nederland te laten ontdekken. Maar hoe organiseer je dat. Drie jaar geleden leerde ik Francien kennen, die een reisbureau voor fietsvakanties heeft. Ze kwam met een aantal wielrenners naar de Drôme en onze chambres d’hôtes verkennen. Toen ze me vertelde dat ze ook fietsgids was tijdens fiets/vaarvakanties door Nederland, was de keuze snel gemaakt. Eén totaalpakket voor een week met accommodatie/boot, fietsroutes en bezoekjes. Afgelopen 6 april was het zover. Met 20 personen met de trein naar Amsterdam, waar de boot in het Oosterdok lag. Onderweg nog een ludieke woordpuzzel uitgedeeld om wat Nederlandse woorden te leren.

chambres d'hôtes Drôme

.

Zo gek om al die Franse dorpsgenoten ineens in Amsterdam te zien lopen. De dokter, de pastor, de oude schooldirectrice, m’n buurvrouw en collega B&B’ers, zomaar in ‘mijn’ landje! ‘s Avonds een traditionele rondvaart door de grachten van Amsterdam en een wandeling via de Warmoestraat en de Nieuwendijk. De volgende 6 dagen gingen de fietstochten van Zaandam naar Haarlem, Leiden, Delft, Gouda, Kudelstaart en weer terug naar Amsterdam. We bezochten de Zaansche Schans, de Keukenhof, Kinderdijk, Bloemenveiling Aalsmeer, een Kaasboerderij, een Rozenkwekerij en een Zeepatelier. Elke avond sliepen we op de boot. Verder gaf Francien ‘s avonds in elke stad een rondleiding.

Eerlijk gezegd had ik het best benauwd de eerste fietsdag. De meesten hadden thuis ‘getraind’ (nooit gefietst en slechts vier keer 10 km voorbereiding) en kruispunten en stoplichten leverden steevast een probleem op. Op- en afstappen bleek voor sommigen toch wel moeilijk te zijn en dan natuurlijk slingerend wegrijden. Bij een stoplicht werd de groep steevast door het weer rood geworden stoplicht in tweeën of zelfs in drieën gesplitst. Francien zei vergoelijkend dat het de eerste dag altijd het moeilijkst is. Ze had gelijk, het ging de tweede dag al een stuk beter. Zeker na een aantal tips van ons. Het hielp ook dat we er uitzagen als echte buitenlandse toeristen, want menig automobilist gaf de groep voorrang en vele tegemoet komende fietsers keken ons met een vriendelijke (of meewarige ?) glimlach aan. Uiteindelijk is er per dag tussen de 25 en 50 km gefietst. Sommigen hebben voor het eerst in hun leven de Noordzee gezien. Het weer was goed. Koud, maar droog en weinig wind. Het vlakke land maakte veel goed, alleen de bruggen over de grachten vonden sommigen wat lastig.

Ik was zelf heel benieuwd hoe ze zouden reageren op onze Nederlandse eetgewoontes. Toen ik op de heenweg in de trein drop uitdeelde, waren er nog veel die dit weigerden, want een Fransman snoept niet tussen de maaltijden door. Maar toen ze eenmaal de smaak te pakken hadden, doken de rest van de week overal de zakken drop op. ‘s Ochtends bij het ontbijt (hagelslag, appelstroop, wat is dat ?) maakten we ons lunchpakketje klaar met pistoletjes en bruine boterhammen. Fransen nemen uitgebreid de tijd om tussen de middag te eten. Een lunchpakketje ipv die lekkere warme meergangen maaltijd was dus best wel afzien voor ze en toen Francien de eerste dag ook nog meldde dat we een halfuurtje zouden pauzeren om te picknicken, moesten ze dat even incasseren. Maar de dagen erna pasten ze zich snel aan het ritme aan.

Lachend hadden ze tijdens de informatiemiddag voor de reis aangehoord dat we al om 18.30 uur aan tafel gingen in plaats van de gebruikelijke 20.00 uur in Frankrijk. Maar na alleen een broodje tussen de middag, was iedereen blij om, om die tijd aan tafel aan te schuiven. We hadden een geweldige kok, die ons de lekkerste dingen voorzette. Hij durfde het aan om de eerste avond een crème brulée op tafel te zetten. Achteraf biechtte hij op dat hij toch wel zenuwachtig was geweest voor de reacties. Iedereen wilden zijn recept van de mosterdsoep en dat een Nederlander graag brood met kruidenboter eet is ook geen geheim meer.

Iedereen was reuze enthousiast over de reis : ‘Nederlanders zijn zo aardig !’ ‘Prachtige fietstochten’. ‘Het is zo mooi en netjes overal’, ‘wat een mooie natuur’, ‘zulke mooie historische stadjes’. Kaas is met kilo’s ingeslagen evenals allerhande souvenirs zoals Delfts blauw en klompjes. De reis was dus een groot succes en er zijn al plannen voor een nieuwe reis. En ik, ik ben blij en stiekem trots op Nederland

One Comment

  1. Wat een geweldig leuk verhaal Sabine en een keigoed idee van je!!

Leave a Reply